Emotionele mokerslagen

Geplaatst op 16 jun 2010

Emotionele mokerslagen

ANTWERPEN - Peter Grimes is een werk uit één geut en elke uitvoering ervan moet de dramatische impact recht doen.

Decoratief bijwerk en valse ‘volksheid’ zijn uit den boze; alleen waarachtigheid houdt stand tegen de gebundelde kracht van situatie en muziek. Regisseur David Alden heeft duidelijk de bedoeling dat te bereiken, maar hij wil nog meer. De conventionele interpretatie, met een stijfkoppige of dubbelzinnige Grimes en een liefdadige Ellen Orford tegenover een monolithisch conservatieve gemeenschap, volstaat hem niet. De hypocrisie van de gemeenschap draagt volgens hem de hele tragedie al in haar eigen schoot. Zij buit kinderen uit (de nichtjes van Auntie), niet Grimes. Zij zit vol seksuele dubbelzinnigheid en verstopte pedofilie, niet de naïeve, wereldvreemde Grimes. En zelfs de o zo mooie, moederlijke, zorgzame Ellen Orford draagt haar portie goedbedoelde hypocrisie mee, zoals blijkt uit de gespeeld vrolijke scène waarin zij de blauwe plek ontdekt die Grimes de leerjongen heeft toegebracht en die volstaat om de focus van haar affectie prompt te verplaatsen van de man naar het kind.

Om die interpretatie duidelijk te maken heeft Alden heel wat aanwijzingen en beelden nodig: Auntie als androgyne fat, haar nichtjes als angstige schoolmeisjes (en later, in de nachtscène van het derde bedrijf, in Army & Navy-pakjes gestoken, terwijl de andere leden van de gemeente in seksueel dubbelzinnige koppels dansen en Auntie rondloopt met het embleem van haar herberg, een everzwijnkop), tot gezwaai met drankflessen, bijbels en Britse vlaggetjes toe. Die gedeelten zijn op een naar het absurde en groteske neigende manier gechoreografeerd, in tegenstelling tot de scènes tussen de hoofdpersonages, die een ‘natuurlijke’, emotioneel gestuurde acteerstijl hanteren. Dat is allemaal heel vakkundig gedaan en heeft ook betekenis, maar het is soms een beetje veel. Het zorgt er wel voor dat de cruciale scènes, die waarin twee, drie of vier mensen hulpeloos tegenover elkaar staan en al geen gebaren meer hebben om iets uit te drukken, als mokerslagen op je af komen.

Hoog niveau
Die mokerslagen zijn er ook in de muziek. Je moet intendant Aviel Cahn één ding nageven: hij heeft op anderhalf jaar tijd het orkest en het koor van de Vlaamse Opera er weer bovenop geholpen. Wat zij hier laten horen (en in deze opera zijn zij de eigenlijke protagonisten), is van een niveau dat we twee seizoenen geleden niet meer durfden dromen. Uiteraard zit daar ook dirigent Leif Segerstam voor iets tussen, een man die weet hoe je noodzakelijke precisie ondergeschikt maakt aan emotie en grote lijn en daar ook nagenoeg overal in slaagt. De meeste zangers passen voortreffelijk in dat grote beeld. Jorma Silvasti is een Peter Grimes die vocale kracht en schoonheid kan combineren met breekbaarheid. Judith Howarth portretteert een kleinburgerlijke Ellen Orford met veel vernuft en warmte. Peter Sidhom is een archetypische kapitein Balstrode, Rebecca de Pont Davies een excentrieke, zelfverzekerde Auntie. Zelfs kleine rollen als Hobson of de twee nichtjes zijn met een ensemblelid als Milcho Borovinov of jonge Vlaamse zangeressen als Liesbeth Devos en Tineke Van Ingelgem volstrekt adequaat bezet.

Op z’n minst maar niet alleen daarvoor is deze voorstelling het waard gezien en gehoord te worden.

Nog voorstellingen in de Vlaamse Opera in Antwerpen tot 27 juni, in Gent van 3 tot 10 juli. Uitzending op Klara op 26 juni.

door Stephan Moens


Gerelateerde producties

  • Een vissersdorp aan de woeste Engelse kust. Het leven is er hard, de vissers doen hun werk op de onstuimige zee, wonen in schamele...