Spitante Cavalli doet glunderen****

Geplaatst op 1 mei 2010

Spitante Cavalli doet glunderen****

Onder het motto 'blinde passie en valse heldenmoed' programmeert de Vlaamse Opera dezer dagen ‘Giasone' van Francesco Cavalli, een barokopera die in zijn tijd de status van meesterwerk genoot. Met een speelduur van ongeveer drie uur en een vrij stereotiepe muzikale invulling wordt ‘Giasone' tegenwoordig echter opvallend weinig geprogrammeerd. Nochtans zag regisseuse Mariame Clément redenen genoeg om de opera van een moderne lezing te voorzien. Met barokspecialist Frederico Maria Sardelli als dirigent en een jonge cast in de gelederen, moest Clément ‘Giasone' verteerbaar maken naar hedendaagse maatstaven.

De titelfiguur Giasone (Jason) is het mythische personage dat in verscheidene Griekse tragedies een voorname rol speelt. Cavalli en zijn librettist Gicognini ontdoen Jason echter van zijn goddelijke aureool en maken er een menselijke antiheld van: een slappeling die door de knieën gaat voor alle vrouwelijk schoon en een zielige verschijning die er niet in slaagt cruciale keuzes te maken. Tal van verwikkelingen in de sterk overdreven nevenplots zetten de absurditeit van deze stoutmoedige zeventiende-eeuwse interpretatie nog extra in de verf, wat Clément ook expliciet wilde bewaren in haar enscenering. De essentie van Cavalli's opera gaat volgens haar schuil in het onnozele kluwen van misverstanden, en een enthousiast publiek gaf haar bij de première meer dan gelijk.

Door het pragmatische gebruik van de scène en door enkele goede visuele vondsten (zoals het gekleurde achterdoek), blijft ‘Giasone' de kijker voortdurend prikkelen. Onder meer de passage in de onderwereld (badend in intens, rood licht), de intrede van Jason en Medea vlak na de pauze (met een stevige knipoog naar 'Titanic') of de introductie van Jason (waarin hij zijn lusten bezingt terwijl ontelbare vrouwenhanden hem belagen in een langzaam opstijgend bed) zijn schitterend. Nochtans had de scène extra uitgebuit kunnen worden, wat Clément met haar heerlijk ongemanierde interpretatie nalaat te doen. Ze gebruikt de bühne vaak op een te conventionele wijze (de manier waarop Jason het Gulden Vlies bemachtigt is bijvoorbeeld gewoonweg flauw, de attributen ogen vaak nogal pover en ook op de namaakrotsen of de container raakt het publiek uiteindelijk uitgekeken), waardoor ‘Giasone' af en toe schreeuwt om extra creativiteit. Het ergste mankement zijn echter de kostuums, die enorm anti-esthetisch overkomen. Waren er echt geen degelijke alternatieven voor de roze rugzak van Orestes of de zielloze aankleding van Giasone, Amore en Besso?

Muzikaal was de opvoering evenmin perfect. Het orkest liet enkele steken vallen qua frasering en intonatie (vooral in de blokfluitpassages tijdens het eerste deel) en niet alle bijrollen waren vocaal even overtuigend (met Apollo en Hercules als zwakste schakels). De rest van de cast zong echter meer dan voortreffelijk, waarbij vooral de hoofdrolspelers uitblonken: Medea schitterde met een grote draagkracht, Isifile klonk bijzonder emotioneel in haar klaagaria's (lamenti) en Giasone zelf overtuigde moeiteloos en legde prachtige accenten. Tel daar de ludieke, laagdrempelige invulling van Clément bij op, en het resultaat is drie uur zuiver entertainment.

‘Giasone' is verre van foutloos, maar het spannende verhaal en de hemelse muziek brengen sowieso gemakkelijk in vervoering. Clément wekt Cavalli weer tot leven en doet dat op grappige, vlotte wijze. Ondanks de brave, ongecompliceerde enscenering zal ‘Giasone' bijblijven als een van de grappigste producties van het voorbije operaseizoen.

door Jan-Jacob Delanoye


Gerelateerde producties

  • Zelfs voor een antieke held zijn twee schrandere vrouwen er één te veel. Giasone – Jason –, de aanvoerder van de Argonauten, die erop...